Boswet en herplantplicht 

ECLI:NL:CBB:2013:59, College van Beroep voor het bedrijfsleven: uitspraak 8 juli 2013

Bosgrondeigenaar (appellant) kapt perceel met bomen. Hij verricht niet de verplichte melding ex artikel 2 lid 1 Boswet voorafgaand aan kap, maar vraagt een maand later ontheffing van de herplantplicht ex artikel 6 lid 2 Boswet aan. Provincie Noord-Holland weigert dit echter. Appellant heeft vervolgens drie jaar de tijd om het veenbos door natuurlijke wijze weer te laten opkomen. Omdat appellant niet voorafgaand heeft gemeld, wordt herplantplicht aan de hand van luchtfoto’s geschat. Dat pakt fors uit. Appellant moet 70 are veenbos terug zien te krijgen.

Hij beroept zich bij het CBB op tegenstrijdigheid van belangen. Waternet had hem namelijk op straffe van boete gesommeerd de sloten te schonen. Daarom moest hij de overhangende takken van de bomen verwijderen. Appellant vindt tegenstrijdigheid tussen regelgeving niet te begrijpen. Ook de hoogte van de herplantplicht is volgens hem onjuist. De overhangende kruinen maken dat de luchtfoto’s niet duidelijk zijn. Op grond van aangeleverd bewijs wordt de te herbeplanten strook gesteld op niet 14, maar 8 meter. Het CBB vernietigt het bestreden besluit en stelt de herplantplicht op 40 are. De conflicterende belangen (verschillende regels) zijn geen bijzondere omstandigheden waarom herplantplicht niet van toepassing zou zijn.

terug